Wie is Jim van de Geer?
“Ik ben getrouwd, we zijn allebei 50 jaar en hebben een zoon van 18 en een dochter van 19. We wonen in het mooie Friesland, in een van de elf steden. In mijn vrije tijd stap ik graag op de fiets en ik houd van zeilen en boeken lezen. Ik heb een nautische achtergrond; ik heb de Zeevaartschool gedaan, omdat ik graag wilde varen. Behalve vakantiewerk als meewerkend matroos, is het echte varen er nooit van gekomen, omdat ik vanwege mijn ogen werd afgekeurd.”
Welke werkervaring heb je?
“Na de Zeevaartschool ging ik aan de slag op het kantoor van rederij Wijnne Barends. Daar heb ik drie jaar gewerkt, vervolgens kreeg ik een baan bij Rijkswaterstaat. Ik was daar onder meer districtshoofd, waarbij ik leidinggaf aan de mensen die de nautische verkeersposten bedienen. Later heb ik als opdrachtgever naar de uitvoerende diensten van Rijkswaterstaat samengewerkt met het havenbedrijf Amsterdam. Een van die opdrachten was het stabiel maken van de bodem van de Noordersluis. Dit hebben we in nauw overleg met de cargadoors en terminaleigenaren samen opgelost. Sinds vijf jaar werk ik bij WDO Delta, waar ik hoofd afdeling Projectrealisatie ben. Mijn werkzaamheden zijn gericht op het professionaliseren van de projectorganisatie. Ik ben ambtelijk opdrachtgever voor projecten die met de waterinrichting te maken hebben. Van rivieren en sloten tot gemalen, stuwen en dijken. Ik combineer dit werk met mijn rol als bestuursvoorzitter bij NNVO.”
Hoe zien jouw activiteiten voor NNVO eruit?
“Die staan altijd in het teken van samenwerking en stabiliteit. Ik vind het belangrijk dat er een goede verbinding is tussen de bestuursleden onderling, maar ook tussen het bestuur en de organisatie. Als algemeen bestuur vergaderen we twee keer per jaar en als dagelijks bestuur komen we elke zes weken bij elkaar. Hierbij verdiep ik me in de bestuursbelangen en zorg ik ervoor dat de verschillende onderwerpen ter tafel komen. We werken samen aan een visie op de toekomst van NNVO. Een belangrijke ontwikkeling is die van autonome schepen, waardoor de rol van nautisch verkeersbegeleiders en bedienaars drastisch gaat veranderen. Wat betekent deze ontwikkeling voor onze opleidingen? Dat zijn vraagstukken waarmee we ons als bestuur bezighouden.”
Wat maakt jouw rol als bestuursvoorzitter interessant?
“Door mijn nautische achtergrond heb ik veel affiniteit met het onderwerp. Ik vind het interessant om na te gaan wat de participanten nodig hebben en hoe we kunnen zorgen voor een soepel draaiende machine, zodat we voorbereid zijn op de uitdagingen van de toekomst. Het bevorderen van eigenaarschap en het ‘wij-gevoel’ is een mooi vraagstuk. Met onze opleidingen zijn we medeverantwoordelijk voor de veiligheid op het water. Ik vind het heel leuk om daar mijn bijdrage aan te mogen leveren.”
